Onlangs las ik “De weg van de minste weerstand” van Robert Fritz. In dat boek ageert Fritz tegen probleemoplossend denken (en werken) en promoot hij een creërende werkwijze.

Scheppen en problemen oplossen zijn twee fundamenteel verschillende benaderingen.

Pfeffer constateert dat bedrijven bulken van de cognitieve discrepantie. Dat is het hebben van twee strijdige, niet consistente ideeën tegelijkertijd. Mensen hebben de natuurlijke neiging om die tegenstrijdigheden meer congruent te maken.

Projectmanagementmethoden gaan vaak uit van het principe van de blauwdruk. Geanalyseerd is wat er zoal binnen projecten gebeurt en kan gebeuren. In de methode krijgen die gebeurtenissen en handelingen allemaal hun plekje. De gedachte is vervolgens dat je vanzelf projectsucces boekt als je de methode trouw volgt.
De aanpak is reductionistisch. Het project wordt uiteengerafeld in stukjes en beetjes. Al die stukjes en beetjes moeten tot het beoogde projectresultaat leiden.