In het artikel over motiverend vermogen[i] is de aanwezigheid van cohesie in een groep genoemd als een motivatiebevorderende factor. Cohesie is een fenomeen met positieve kanten. Aan cohesie kleven echter ook gevaren.

In dit artikel verkennen we de verbanden tussen leiderschap en macht. Over dit onderwerp kunnen boeken worden volgeschreven. Hier blijft het bij een verkenning. We gaan in op machtsverslaving en de uitwerking daarvan op dictators. We trekken conclusies over macht en effectiviteit. We onderzoeken het effect van macht op leiderschap. We gaan in op het voorkomen van negatieve uitwassen van macht en geven tot slot concluderend aan hoe de leider zijn ambities dient te richten.

Caluwé & Vermaak, Leren vernaderen

Al lezend kwam ik het begrip vuilnisvatbesluitvorming tegen. Het is herkenbaar. Wanneer ik nader op dit onderwerp inga, zullen de meeste mensen er iets herkenbaars in vinden. In dit stukje belicht ik de leiderschapseigenschappen als capaciteiten die zorgen dat er juist geen vuilnisvatbesluitvorming plaatsvindt.

Het is een algemeen geaccepteerde observatie in de biologie dat organismen die het best zijn aangepast (dat wil zeggen, waarmee het nu goed gaat) zich het minst goed kunnen aanpassen (dat wil zeggen, het minst goed kunnen veranderen).

David Maister[i]

Dat theorie en praktijk niet altijd met elkaar overeenstemmen is bekend. Toch wekt de omvang van dat verschil soms verbazing. Zo is er een verschil in de mate waarin aan de ene kant door Jan en alleman gesproken wordt over zaken als empowerment, nieuw leiderschap en de daarbij behorende eigenschappen enerzijds en de mate waarin er daadwerkelijk leiding wordt gegeven door echte “nieuwe” leiders. De staande leiders doen allemaal mee in het kikkerconcert, terwijl slechts enkelen die woorden met daden staven.

In mijn artikel ´Bezieling en leiderschap´[i] heb ik onderzocht welk belang bezieling heeft voor leiderschap. Medewerkers in allerlei soorten bedrijven doen hun job. Het door het bedrijf geproduceerde eindproduct is doorgaans zo triviaal dat de bezieling niet in dat product gelegd kan worden.
Ik ben daardoor tot de volgende conclusies gekomen: de bezieling ligt niet in het concrete resultaat van het werk, niet in het product op zichzelf. De bezieling ligt in het bereiken van dat resultaat. De bezieling ligt in de kwaliteit van de taakvervulling, niet in de kwaliteit van het daaruit voortkomende product.